De zon breekt door, het zwemseizoen in natuurwater is officieel gestart, en duizenden mensen trekken richting plassen, meren en stranden. Dat klinkt als onschuldig zomergenot – maar wie zich verdiept in de realiteit van onze zwemveiligheid, weet dat we met vuur spelen.
Wat zich op een zomerse middag afspeelt aan de waterkant is vaak geen zorgeloze picknick, maar een risicosituatie vol misverstanden, overschatting en gebrekkige voorbereiding. Niet omdat mensen het niet goed bedoelen – maar omdat we ze niet de juiste kennis, vaardigheden en waarschuwingen geven.
“Nederlanders zijn goed in recreatief poedelen, maar écht zwemvaardig in open water? Dat zijn velen niet. Zeker niet onder onverwachte omstandigheden als kou, stroming of troebelheid. En juist dat zijn de omstandigheden waarin het misgaat.” – Shiva de Winter, zwemondernemer & voorzitter NSWZ
Open water is geen zwembad. En dat vergeten we.
Natuurwater is koud – zeker in de lente. De temperatuur kan nog verraderlijk laag zijn, wat kan leiden tot een cold shock response: ongecontroleerde ademhaling, paniek, en verlies van motoriek. In die toestand red je het niet met een A- of B-diploma. Daarbij komt dat veel recreatieplassen géén toezicht kennen – of slechts beperkt.
En toch stappen mensen, vaak met (valse) zelfverzekerdheid, het water in. Kinderen zonder directe ouderlijke begeleiding. Jongeren die een sprong maken vanaf een bruggetje. Groepjes vrienden met een drankje op.
“Er is geen ruimte voor overmoed bij open water. Geen lifeguard die alles ziet. Geen bodem die je raakt. Geen wand om je aan vast te houden. Als het misgaat, kan het vaak fataal zijn.” – Shiva de Winter
Te weinig voorbereiding, te veel aannames
Een veelvoorkomend probleem: ouders die denken dat hun kind 'goed kan zwemmen', omdat het in het zwembad zijn diploma’s heeft gehaald. Maar zwemmen in natuurwater vraagt om méér dan wat schoolslag in een verwarmd bassin. Diepte, zicht, temperatuur en onverwachte situaties maken buitenwater veel complexer en gevaarlijker.
Ook is er een groeiende groep mensen in Nederland – waaronder jongeren met buitenlandse achtergrond of arbeidsmigranten – die niet zijn opgegroeid met de vanzelfsprekende confrontatie met water. Zij kennen de risico’s minder goed en worden daar onvoldoende over voorgelicht. Ondanks enkele goede initiatieven (zoals informatieve zwemvideo’s van COA), ontbreekt er een structurele aanpak.
“Iedereen die in Nederland woont, moet toegang hebben tot duidelijke, culturele en taalspecifieke voorlichting over waterveiligheid. Niet incidenteel. Structureel.” – Shiva de Winter
Waar blijft de urgentie? Ook bij het CBS ontbreekt die.
Wat het allemaal nóg schrijnender maakt, is dat we elk jaar pas op 25 juli – World Drowning Prevention Day – de officiële cijfers over verdrinkingen krijgen van het CBS. Precies midden in de zomer. Veel te laat dus om gericht beleid te maken, preventiecampagnes aan te passen of lessen te trekken uit het vorige seizoen.
Deze kritiek is herhaaldelijk geuit, maar het CBS weigert vooralsnog om deze data eerder in het jaar vrij te geven. Daarmee ontnemen we onszelf de kans om op tijd te leren en te reageren. Waarom zou je wachten met cruciale levensreddende inzichten, als je weet dat de risico’s in mei en juni al pieken?
“Verdrinking is geen seizoensstatistiek, het is een jaarlijks terugkerend maatschappelijk risico. En zolang we cijfers blijven zien als ‘achterafinformatie’, blijven we telkens dezelfde fouten herhalen.” – Shiva de Winter
Wat moet er écht veranderen?
Structurele en actuele communicatie over zwemveiligheid. Niet alleen als het warm wordt, maar het hele jaar door. Inclusief praktijklessen, ervaringsgericht onderwijs en ouderscholing.
Vroegtijdige, open data over verdrinkingen. De cijfers moeten voor het seizoen beschikbaar zijn. Analyse en actie horen bij elkaar.
Onderwijs dat verder kijkt dan het zwembad. Elk kind moet leren wat zwemmen in natuurwater écht inhoudt – inclusief risico’s en gedrag.
Gerichte voorlichting aan risicogroepen. In meerdere talen, op scholen, in AZC’s, bij werkgevers, via influencers – afgestemd op cultuur, beleving en context.
Zwemveiligheid moet geen bijzaak zijn
Laat dit een oproep zijn aan beleidsmakers, ouders, onderwijzers, sportverenigingen én het CBS: neem de werkelijkheid van open water serieus. Zorg dat mensen weten wat ze doen – vóórdat het misgaat. En geef professionals en organisaties de ruimte, middelen én informatie om dit goed te kunnen doen.
Want elk leven dat verloren gaat, terwijl we het hadden kunnen voorkomen, is er één te veel.